Also available in English
door Ton Roks:
De gaafste Mustang van allemaal is de Shelby GT500 Eleanor,
die spectaculair optrad in "Gone in Sixty Seconds".
Veel Amerikanen raakten net zo verliefd op het apparaat als
Nicolas Cage in de film en lieten een Mustang ombouwen tot
Eleanor. Nu is er ook een in Nederland.
HET IS BEGONNEN met de poster.
Die hing een paar jaar aan de muur bij grafisch ontwerper
Frans in zijn huis in Noord-Holland. Een filmposter van Gone
in Sixty Seconds, met Eleanor pront in beeld en niet Angelina
Jolie, een terechte keuze. Frans had helemaal niks met Mustangs,
maar in die jaren dat de filmposter in zijn huis hing, groeide
een niet te negeren bezitsdrang ten opzichte van deze all-American
musclecar. En ook zijn vrouw Yvonne warmde gelukkig op voor
Eleanor.
ONDERSCHAT NIMMER de beelden die in je jeugd indruk op je
maakten, want ze kunnen zich in je onderbewuste nestelen en
zich tot een drijfveer ontwikkelen. Zo lijkt het althans bij
Frans gegaan te zijn. Dat zit zo: de eerste versie van Gone
in Sixty Seconds werd in 1973 gemaakt, en die heeft Frans
een paar keer gezien. En ook daarin speelde een Mustang een
belangrijke rol, een Mach 1. Die film was toen gemaakt door
ene Toby Hálicki, die niet alleen het script schreef,
maar de film ook regisseerde en er zelf een hoofdrol in speelde.
De man nam ook de stunts voor zijn rekening. Het ging over
een bende autodieven die 48 voertuigen voor een 'klant' moesten
stelen en ze allemaal namen hadden gegeven, dit om eventuele
luistervinken niet op een spoor te brengen. De Mustang die
op de kidnaplijst stond, had de naam Eleanor. De film eindigt
met een van de langste en spectaculairste achtervolgingen
ooit verfilmd, waarbij Eleanor een sprong van tientallen meters
maakt. In totaal moest er zeven maanden gedraaid worden om
alleen al dat deel van de rolprent goed op het celluloid te
krijgen en er schijnen 93 auto's bij tot schroot te zijn gereden.
Een mooie score voor een regisseur/acteur die zijn werkzame
leven begon als autosloper. Ondanks het feit dat er redelijk
wat fouten in de chronologie zaten - net als bij Bullit -
en ondanks de initieel slechte kritieken, was de film een
succes. Hij is inmiddels opnieuw op DVD uitgebracht.
HET IS OVERIGENS niet goed afgelopen met Toby. Toen hij een
vervolg ging maken, Gone in Sixty Seconds II - The Slicer,
had hij daarin een scène gepland waarin een watertoren
omviel. Om te bereiken dat dit op het juiste moment gebeurde,
was een van de stalen poten doorgezaagd waarop de watertank
stond. Helaas stortte het gevaarte veel eerder in dan was
gepland en viel precies op... Toby Halicki. Een vervolg is
er uiteindelijk toch gekomen, althans een remake, onder regie
van Jerry Bruckheimer (ook verantwoordelijk voor Top Gun)
en met Nicolas Cage, Angelina Jolie en natuurlijk een Mustang
in de hoofdrol. Dit keer geen Mach 1, maar een oudere Shelby
GT500 (1967). Speciaal voor deze film ontwikkelde het bedrijf
Cinema Vehicle Services een bodykit die de auto genoeg attitude
gaf om hem wat betreft begeerlijkheid met kop en schouders
boven de Porsches, Ferrari's en Lamborghini's uit te laten
steken. Deze 'opgestoerde' Eleanor maakte zo veel enthousiasme
los dat hij in de VS inmiddels al vele malen is nagebouwd.
Dikwijls niet op basis van een originele GT500 (dat zou een
doodzonde zijn, want dat is een collector's item), maar met
een gewone Mustang als donor. Een Mustang-dealer in Texas
heeft er zelfs een business van gemaakt. Hij heeft de mallen
van Cinema Vehicle Services overgenomen en maakt de bodykit
in serie. Na de zegen van Carroll Shelby te hebben ontvangen
is de dealer zelfs (in samenwerking met Cobra-bouwer Unique
Performance) een serie van 400 kant-en-klare Eleanors gaan
produceren.
FRANS ZAT als een van de eersten in de bioscoop toen de nieuwe
Gone in Sixty Seconds uitkwam en na jaren tegen de poster
te hebben aangekeken, hakte hij de knoop door. Hij is een
autoliefhebber (reed Porsche 928, Nissan 200SX en Mitsubishi
3000 GT VR4) en besloot alles opzij te zetten voor een eigen
Eleanor. "Ik verkocht mijn Mitsubishi, ging voortaan
op de fiets naar mijn werk en zocht uren op het internet.
In november vorig jaar vond ik een geschikt exemplaar op Ebay.
Daar had ik vertrouwen in. De eigenaar had zelfs een website
waarop je kon zien hoe de auto in zijn opdracht was gebouwd.
Na een half uur naar de honderd foto's te hebbèn getuurd
die op het net stonden, was ik overtuigd. Die moest ik hebben.
Ik drukte meteen op de knop Buy Now. Naar later bleek geen
moment te vroeg, want er waren al vergaande onderhandelingen
met iemand in New York. De auto heeft in totaal slechts elf
uur op Ebay gestaan." Op 14 februari van dit jaar werd
de Mustang in een zeecontainer bij Frans thuis afgeleverd.
De verzegeling werd verbroken en daar stond ze dan, in volle
glorie: Eleanor. "Geen krasje te bekennen, een beetje
stoffig, maar nog mooier dan in de film", aldus Frans.
Op 12 april werd de GT500 door de RDW goedgekeurd en daarmee
was de eerste Eleanor in Nederland straatlegaal.
TIJD VOOR EEN RIT met het beest, dat er machtig imponerend
uitziet door de bult op de motorkap, waaronder een Holley-carburateur
is ondergebracht die zo groot is als een campinggasfornuis.
Aan het krijgshaftige uiterlijk wordt ook veel bijgedragen
door de nieuwe voorbumper, met een kanjer van een extra grille
erin en twee moderne, kleine lichtlenzen. Het visuele geweld
wordt versterkt door de twee extra lampen in de neus, de spatbordverbreders,
de sidepipes en de spoiler op het achterdek, allemaal elementen
van de Eleanor bodykit. Onder de kap ligt niet de 428 V8 die
origineel bij de GT500 hoorde, maar een 351 Cleveland, waarmee
de 355 pk die de GT500 oorspronkelijk leverde moeiteloos overtroffen
wordt. Momenteel zou er 500 pk uit het blok komen, maar Frans
wil lachgas injectie monteren, zodat hij incidenteel een krachtsexplosie
van 800 pk kan oproepen. "In de film heeft Eleanor ook
lachgas, maar niet echt. Er wordt alleen maar gedaan alsof.
De auto heeft wel een drukknop op de versnellingspook met
de tekst Go, baby, go om de lachgasinjectie te activeren.
Die knop heb ik al liggen, de rest is in aantocht. Bij de
filmauto waren ook de sidepipes niet echt, bij mijn Eleanor
zijn ze dat wel." Het geluid dat eruit komt mag er wezen.
Niks warm en donkerbruin, maar hard en agressief, als een
NASCAR. Je nekharen springen spontaan in de houding, erg mooi
dus. Hoewel het bij lange ritten wellicht wat vermoeiend zou
kunnen zijn, tenzij je erg van het geluid van afweergeschut
houdt.
DE VORIGE EIGENAAR gebruikte zijn Eleanor voor drag-evenementen.
Dat merk je meteen al aan de koppeling, de zwaarste die ik
ooit gevoeld heb sinds de Lamborghini LM002. Extra lastige
bijkomstigheid is dat hij pas helemaal bovenin aangrijpt,
waardoor je bijna met je hak van de bodem moet komen bij het
wegrijden. Dat doseert lastig, zodat ik een paar kilometer
nodig heb voordat er van enige vorm van vloeiend rijden sprake
is. Het interieur is redelijk standaard Mustang, met wat toevoegingen.
Zoals een enorme toerenteller die met een slangklem op de
stuurkolom is bevestigd en twee rode knoppen op de middenconsole:
een om de (nog te monteren) lachgasinjectie uit de slaapstand
te wekken en een om een extra benzinepomp te activeren. Die
is namelijk keihard nodig om het maximale uit het lachgas
te halen. De besturing is licht en uitgesproken vaag rond
de middenstand. Dat is niet typisch Mustang, maar wel typisch
voor een Amerikaanse klassieker met kogelkringbesturing. "Dat
ga ik nog veranderen", licht Frans toe. "Er is van
alles voor Mustangs te koop en daar hoort ook tandheugelbesturing
bij. Daarmee stuurt hij niet alleen veel fijner, maar wordt
hij ook een stuk directer. Hij gaat dan van vier omwentelingen
tussen de uiterste uitslagen naar drie."
ONDANKS HET FEIT dat de motor enorm veel inhoud heeft (ongeveer
5,8 liter), is hij een beetje cammy, dat wil zeggen: hij moet
een bepaald aantal toeren hebben om echt vette power te leveren.
Zit je daaronder, dan rochelt en sputtert hij wat en duurt
het even voor er echt gang in komt. Maar dan gaat hij ook
als een speer. Ik wil Frans' oogappel geen pijn doen, dus
liever geen bum-outs en dergelijke, maar het gas mag er wel
volop als de machine eenmaal rolt. Het afweergeschut neemt
dan dramatisch in volume en frequentie toe en de Mustang brult
ervan door, met de intimiderende onstuitbaarheid van een supertanker.
Door de fikse motorkap met de bult erop en de enorme met gaas
gevulde muil daar voorin, heeft hij iets van een voorwereldlijk
monster dat de aanval inzet. Eleanor voelt niet supersnel
aan, een gevoel dat ik herken van bijvoorbeeld een Viper.
Dat komt doordat de trekkracht over een heel groot deel van
het toerenbereik aanwezig is, zonder een sensationele piek.
Daardoor voel je geen kanonschot in je rug, maar wel de constante,
aandringende duw van een denkbeeldige reuzenhand. Hoe snel
je daarmee gaat, zie je vooral aan het tempo waarmee de Mustang
langzamer verkeer naar zich toetrekt, van waaruit overigens
meer dan geregeld opgestoken duimen naar buiten komen. Die
schop in de rug gaat er overigens wel komen, straks, als er
lachgas in zit. Dan hoeft Frans maar de rode Go, baby, go-knop
boven de pook in te drukken om met 300 pk stuwkracht extra
gelanceerd te worden.
OP DIT MOMENT is de transmissie nog tamelijk kort uitgelegd:
bij 70 miles per hour (115 kmph) geeft de toerenteller 2900
aan. Bij een motor met dit vermogen kan dat nog wel een stukje
omlaag. Dat is Frans ook van plan; in plaats van een dragoverbrenging
wil hij naar race. Remmen doet Eleanor behoorlijk goed voor
een auto uit de jaren '60. Als je daar nog wat verbetering
in zou willen, dan is dat redelijk goed te bereiken. Er wordt
nog behoorlijk veel autosport bedreven met Mustangs en er
is van alles voor te koop. De remmen vragen overigens ook
aardig wat spierkracht, maar dat is normaal voor een potente
Amerikaan uit die tijd: op de hyperlichte besturing na voelt
alles aan als een truck. Wat 'betreft weggedrag is het geen
auto waarmee je voor verrassingen wilt komen te staan. Zo
lang je de lijn de bocht in en uit kunt zien, kun je redelijk
wat snelheid mee een hoek in nemen, waarbij je het gewicht
in de neus goed voelt. Maar het zet niet door. Instinctief
weet je dat, als dit beest eenmaal onverwacht in onder of
overstuur komt, je in een oogwenk door al je reddingsopties
heen bent. Daardoor heb je nog meer respect voor de lui die
het stuntwerk in Gone in Sixty Seconds leverden. Helden zijn
dat. Vering en demping staan momenteel nog relatief veel beweging
van het koetswerk toe. Ook dat wil Frans nog verbeteren, wat
ongetwijfeld tot een beter gevoel van controle zal leiden.
HIJ HEEFT NOG MEER plannen: een dashboard en deurpanelen van
geborsteld aluminium en wielen van een Ford GT40, met knock-off
spinners graag. "Die wielen, dat weet ik nog niet helemaal
zeker, want de huidige Centerlines vind ik ook mooi",
zegt hij, een mening die ik volledig deel. Frans maakt gebruik
van de diensten van Katella Classics (van Peter Onken, een
man met ervaring in het dragracen) in Beverwijk om Eleanor
tot in de laatste puntjes perfect te maken.
Frans is van plan Eleanor niet in alle opzichten helemaal
voor zichzelf te houden. Hij wil de schone meenemen naar shows
en zo. Wie haar met eigen ogen van dichtbij wil zien, notere
alvast 3 en 4 september (2005!) in zijn agenda. Dan komt de
eerste Nederlandse Shelby GT500 Eleanor naar paleis Het Loo
in Apeldoorn, als een van de sterren van Autovisies jubileumexpositie. |